Het leek een rustige regenachtige juliweek te worden totdat Anouk voor commotie zorgde in songfestivalland. Reden voor Sietse Bakker (EBU) om in de pen te klimmen en zijn visie op Anouk, de Nederlandse selectie en interne selecties in het algemeen te delen.

Wat een commotie deze week in Nederland. Anouk wil naar Malmö met een vrijkaartje, de TROS nodigt haar uit deel te nemen aan de op handen zijnde nationale selectie. Hoe durven ze, dacht menig journalist, fan en vakgenoot. Direct telefoon. Shownieuws. “Wat vinden jullie bij de EBU hier nu van?” Heb je even?

Vanuit het Eurovisie-team bij de EBU hebben we gezegd; elke deelnemende omroep zou moeten investeren in een openbare nationale selectie. Hoewel de TV Commissie van de EBU die visie niet wil omzetten in een harde regel, willen we omroepen wél aanmoedigen om het publiek te betrekken bij de selectie van artiest en nummer. Je vertegenwoordigt immers je land! Een interne selectie roept vaak veel vragen op – iets met achterkamertjes – en draagt niet bij aan de draagkracht en populariteit van een inzending, laat staan die van het Eurovisie Songfestival zelf. Dat intern gekozen nummers beter zouden scoren op het songfestival is evenmin onwaar, als je kijkt naar de cijfers.

Het is om die reden dat ik de TROS aanmoedig in haar ambitie om een uitgebreide nationale selectie op poten te zetten. Competitie daagt componisten, schrijvers en artiesten uit om het beste uit zichzelf te halen en stelt de artiest in staat om uit te vogelen wat zo’n nummer nou eigenlijk doet met de kijker. Daarnaast draagt een gedegen nationale selectie bij aan het imago van het Eurovisie Songfestival. Daardoor kan een land zich zo nu en dan (doch niet acht jaar op rij) een teleurstelling veroorloven. In Zweden, Denemarken en Noorwegen leidt een internationaal teleurstellend resultaat nauwelijks tot een verminderde populariteit van de nationale selecties. En zo hoort het.

Een nationale selectie is natuurlijk geen garantie voor een goed resultaat. Vaak duurt het even voor een nationale selectie z’n vruchten afwerpt wat betreft verworven kwaliteit. Het staat buiten kijf dat professionele artiesten een minstens zo professioneel podium mogen verwachten om zichzelf neer te zetten. Een zaaltje in Nijkerk, zoals dit enkele jaren geleden de thuisbasis was van de Nederlandse voorrondes, zal voor hen waarschijnlijk niet voldoen. De zwaarste taak ligt achter de schermen. De brievenbus openstellen en geduldig wachten tot er potentiële winnaars op de deurmat ploffen zal niet tot het gewenste resultaat leiden. In landen als Zweden, Noorwegen, Estland en Duitsland, waar de nationale selecties hoog staan aangeschreven, wordt achter de schermen intensief contact onderhouden met platenmaatschappijen, componisten en artiesten, om hen aan te moedigen hun juweeltjes in te zenden. Ze zouden de omroepen bij wijze van spreken moeten smeken om mee te mogen doen, in plaats van andersom.

In Nederland kan zo’n nationale selectie ook. Daar ben ik van overtuigd. Dat een professional als Anouk naar het songfestival wil; fantastisch! Dat ze echter past om deel te nemen aan zo’n open selectie is niet alleen buitengewoon jammer, maar is minstens zo kortzichtig. Dat Nederlandse A-artiesten niet te porren zijn voor een nationale selectie getuigt van gebrek aan inzicht in de potentie. Het wordt hoog tijd dat ze dit verteld wordt. In de eerste plaats door de TROS en de EBU, maar ook door pers, fans en artiesten uit de landen waar men wél in de rij staan om te mogen meedoen. Laten we vooral niet vergeten dat Anouk geen garantie is voor succes, dat in grote mate afhangt van haar nummer en act. Anouk zelf lijkt echter overtuigd van haar kwaliteiten en die van haar nummer. Onder die omstandigheden zou ik, net als de TROS, zeggen: “Wees welkom om mee te doen!” Want aan een noodgreep in de vorm van een nationale selectie hebben we in Nederland niet zoveel. Aan een kwalitatieve nationale selectie wel. En dat we in Nederland op televisiegebied de kwaliteiten in huis hebben om zoiets neer te zetten twijfel ik al helemaal niet.

Ik wens de TROS veel succes de komende tijd. Met nadenken, met lobbyen in de muziek-business en in het verdragen van al die mensen die het zoveel beter lijken te weten. ‘t Is net voetbal..! En daar moet trouwens ook 90 minuten worden geknokt!